Zondagmorgen Buitenveldert - Katerverhalen

25 – Zondagmorgen Buitenveldert

Ik maak een ochtendwandeling door mijn oude buurt, het troosteloze decor van mijn jeugd. Een lelijke wijk vol betonnen dozen, karakterloos maar herinneringsrijk. Ik ben bij mijn ouders blijven slapen, want soms is het even belangrijk om bij ze te zijn. De ochtend is altijd een wat ongemakkelijk ritueel samen, dus besluit ik mijn kater maar even te luchten. Het drinken heb ik duidelijk niet van een vreemde, want mijn beide ouders lusten er ook wel een paar (flessen), maar samen met hen drinken voelt nog altijd raar.

Gister hebben we weer een poging gewaagd. Mijn vader is introvert, echt introvert. Zelfs met drank op komt er weinig uit. Dat is overigens prima want inmiddels begrijp ik hem ook goed zonder dat hij iets zegt. Maar nu bleek de combinatie van drank en de morfine die hij krijgt een magische combinatie.

Hij begon herinneringen op te halen. Onze relatie was niet altijd goed en mijn jeugd was niet bepaald doorsnee. Herinneringen ophalen is dan ook als door een mijnenveld lopen. Gelukkig weten we inmiddels allemaal wel waar de mijnen liggen, dus werden deze strategisch vermeden. Alleen leuke herinneringen vanavond.

Zoals al die keren dat ze mij met kleren aan slapend op de bank aantroffen, omdat ik na een nacht stappen na eigen zeggen ‘te moe’ was van het dansen om nog naar bed te gaan. Een spel dat mijn ouders altijd braaf meespeelden door net te doen alsof ze de enorme drankwalm niet roken.

Hoe we op een Nieuwjaarsochtend erachter kwamen dat een van ons de voordeur de hele nacht open had laten staan. En we vervolgens met zijn allen de hele buurt hebben doorzocht op zoek naar onze kat, Fausto Koppie. Om er pas na 5 uur achter te komen dat Fausto ons vanuit huis bekeek, omdat hij helemaal niet naar buiten was gegaan.

De keer dat we kerst in de zomer vierden, gewoon omdat het kon. En de kaarsen al door de zon gesmolten waren voor we ze aan konden steken.

En uiteraard de keer dat mijn vader in beschonken toestand een verkeersbord omver had gereden. Dat we de volgende dag samen weer overeind hebben gezet, maar wel op zijn kop. Want qua humor zaten mijn vader en ik meestal wel op een lijn, vaak tot frustratie van mijn moeder.

Ondanks de vele herinneringen is het niet laat geworden. Zijn tolerantie is niet meer wat het geweest is en zeker samen met de morfine is hij al vroeg uitgeschakeld.

Dus loop ik nu rond met een redelijk heldere geest op dit onmenselijke tijdstip, het is een uur of tien ‘s ochtends, een ongebruikelijke gewaarwording. Dan ook nog eens lopend door het decor van mijn jeugd voel ik me haast genoodzaakt de zondes van mijn leven te overpeinzen.

Toen ik hier als puber rondhing gaf niemand me een kans. Iedereen was er heilig van overtuigd dat ik diplomaloos in de gevangenis zou belanden. Toch verraste ik vriend en vijand door op mijn pootjes terecht te komen. Kan ik dat nu weer of is dit juist het bewijs dat ik het nooit heb gekund en ze gelijk hadden?

Laten we wel wezen, van de self-made man van een paar jaar terug is weinig meer over. Slechts een benevelde schaduw. Baan noch ambitie, slechts uitzichtloze avonden met drank en drugs. Niet veel anders dan die gefrustreerde kansloze puber van vroeger. Hoe heb ik mijzelf toen bij elkaar kunnen rapen en er toch nog wat van kunnen maken?

Te veel om over na te denken. Ik ga maar weer terug en op bed een jointje roken om die radertjes in mijn hoofd te stoppen. Niet op mijn oude bed helaas, want mijn oude kamer hebben die oudjes al ingenomen toen ik nog in de deuropening stond. Maar daar mag ik niet over klagen, die ouwe heeft niet lang meer.

Facebook Reacties
Like katerverhalen op Facebook