IKEA: Dag 7 - Katerverhalen

36 – IKEA: Dag 7

Het is zeven dagen sinds ik naar de Ikea ging en dus ook al de zevende achtereenvolgende dag dat ik de uitgang niet kan vinden. Zoals iedere dag begin ik om 10 uur ‘s ochtends, samen met de drie andere mannen die hier verdwaald zijn, naar de uitgang te zoeken. We zijn gestopt met de weg vragen aan de inheemse bevolking die je kan herkennen aan de geel-blauwe uniformen. Ze wijzen je wel in een richting, maar die leidt naar niets. Bovendien verklapt hun wanhopige blik dat ze hier zelf ook niet willen zijn en niet weten hoe ze kunnen ontsnappen.

Als het half twaalf is, gaan we naar de kantoorafdeling om te schuilen. Rond die tijd is er namelijk een intocht van hongerige, zwangere vrouwen. Cor, een van mijn companen die al bijna twee weken gevangen zit in de Ikea, is er op de harde manier achter gekomen dat je beter niet tussen een zwangere vrouw en Zweedse gehaktballetjes kunt komen. Terwijl hij onder de voet werd gelopen door de kudde vrouwen, konden wij nog net schuilen achter een paar bureaus. Cors blauwe plekken trekken langzaam weg, maar hij is nog altijd erg schichtig. Sindsdien hoor ik hem iedere nacht huilen als we samen op de beddenafdeling slapen.

Het is rond enen als de zwangere vrouwen gevoed en gekalmeerd zijn. We beginnen aan onze tweede zoekronde en volgen Jasper. Hij zit hier het langst van ons allemaal, al bijna een maand, en heeft zich als leider opgeworpen. Hij loopt gekleed in een koeienhuid van de tapijtafdeling en heeft een Räcka gordijnroede als staf.

Rob, die hier samen met zijn broer Cor een kleine twee weken geleden is verdwaald toen ze een Svalsta bijzettafeltje voor hun moeder gingen halen, neemt me apart. Hij vermoedt dat Jasper de boel saboteert. Rob vermoedt dat Jasper expres verdwaald is in de Ikea en de uitgang niet wil vinden. Hij denkt dat hij zich hier verschanst voor zijn zwangere vrouw. Ze schijnt niet al te positief te reageren op de hormonen die gepaard gaan met haar aandoening.

Jasper onderbreekt ons gesprek; ik vermoed dat hij de onrust voelt. Hij zegt geruchten te hebben gehoord over een Zweedse delicatessenafdeling. Wij kijken hem argwanend aan, want behalve Zweedse vrouwen kennen wij geen delicatessen uit Zweden. “Het is voorbij de vallei der lampen,” zegt Jasper, terwijl hij met zijn staf een kant op wijst.

Wij volgen en als na een uur lopen Rob net zijn twijfel weer begint te uiten, zien we het: de Zweedse delicatessenafdeling. Het is dus toch geen mythe. Na dagen van alleen maar smaakloze Zweedse gehaktballetjes hebben we eindelijk wat anders gevonden. Er is zalm, haring in potjes en chocola. Maar het mooiste is: er is bier!

Dat het Zweeds pisbier is, kan niemand wat schelen. We nemen ieder een doos bier, want Zweden doen blijkbaar niet aan kratjes, mee en zoveel eten als we er nog bij kunnen dragen. Op onze terugweg, als we na de vallei der lampen in de heuvels van tapijt belanden, krijgen we ieder een schapenvel van Jasper over de schouders gedrapeerd. “Vanavond eten we als echte mannen,” zegt hij. “Vanavond eten we aan de grote robuuste Skogsta tafel!” De Skogsta tafel is de grootste eettafel in de grootste modeleetkamer. Hier eten we anders nooit omdat het er gewoon lullig uitziet: vier droevige mannen met een paar balletjes. Vanavond kunnen we echter de tafel vullen met eten en bier.

Het is een waar feestmaal en de moraal is, na dagen van desillusie en wanhoop, eindelijk weer hoog. We verhuizen na het eten met ons bier naar de mooiste modelwoonkamer. Daar verbranden we nog twee handige Finnby boekenkasten in de modelopenhaard en zingen we liederen.

Cor is in de aangrenzende modelbadkamer gaan kakken op de modelwc die niet is aangesloten. Een teken dat het tijd is om te gaan slapen, dus we gaan weer terug naar de beddenafdeling. Vandaag was een goede dag, morgen gaan we weer met frisse moed op zoek naar de uitgang.

Facebook Reacties